Aanvang:
Rode Boventoon Slang KIN 5
Voltooiing:Witte Solaire Tovenaar KIN 74
Jaar van de Witte Resonante Tovenaar Jaar van het Geel Kosmisch Zaad
Gregoriaanse datum: 22 april 2000 13 maart 2006
Een uiteenzetting over o.a
de klassieke Maya’s en hun kennis van Tijd, het meten van Tijd en hoe
we Tijd ervaren, met en zonder klok. Vadertje Tijd Tijdelijk buiten werking
Door: Marian van der Veen
Van Tijdelijke duur
Tijd is geld......
Ik heb geen Tijd!
De Tijd staat stil
De Tijd vliegt
Gezelligheid kent geen Tijd
De Tijd zal het leren
Heb jij even Tijd?
Dit zijn een aantal uitdrukkingen uit het dagelijks leven van vroeger en nu.
De Tijd die de klok aangeeft is een bijna vanzelfsprekend begrip in het levensritme
van de huidige samenleving. Stel je eens voor: hoe zou het leven eruit zien
zonder de klok? Laten we voor de aardigheid eens teruggaan in de tijd waar de
mens, in en van de natuur levend, zijn leven in overeenstemming bracht met het
ritme van de seizoenen en de bewegingen van de Zon, de Maan en de sterren.
Aan de hand van wat voorbeelden
zal ik proberen duidelijk te maken hoeveel invloed het meten van tijd op ons
bewustzijn heeft en hoe verschillend we “tijd” kunnen ervaren.
Stel je eens voor: je koopt een oud huis, waarvan alle waterleidingen vernieuwd
moeten worden. Je zoekt een loodgieter, die aan het werk gaat, op basis
van een uurloon.
Je komt na een week eens kijken of het werk vordert en vraagt hem: "Wanneer
is het werk klaar?" De loodgieter legt zijn waterpomptang neer, komt met
krakende knieën overeind en zegt laconiek: "Het is af, als het af
is".
Dan sta je wel even raar
te kijken, als de loodgieter per uur wordt betaald, je vrouw bijna moet bevallen
en je baas erop rekent dat je binnen een maand je werkkamer ingericht hebt,
in je nieuwe woning!
Leven
zonder klok
Maar stel nou eens dat er geen klok bestond? Hoe zouden de omstandigheden dan
zijn in de eerder genoemde situatie? Bijvoorbeeld: je komt in het bezit van
het oude huis, waarvan de waterleiding vernieuwd moet worden en je zoekt iemand
die daar verstand van heeft, bijv. de buurman. Begrippen als “geld”
en “uur” bestaan niet en omdat je van beroep houthakker bent, beloof
je de buurman een wintervoorraad hout te leveren, in ruil voor diens arbeid.
Terwijl je bomen rooit legt je buurman de waterleiding aan en je vrouw bevalt
spoedig van het vierde kind in het ruime huis van de buurman, wiens echtgenote
vroedvrouw is. De buren bieden onderdak aan je gezin, totdat de nieuwe waterleiding
aangelegd is en het huis bewoonbaar is.
Het is af, als het af is......
Oké, er zijn wat elementen in het tweede voorbeeld die bij de moderne
tijd horen maar waar het om gaat is, dat er geen sprake is van een deadline
of geldkwestie. Alle betrokkenen bieden hun diensten en ervaring aan, overeenkomstig
persoonlijk contact, een mondelinge afspraak en de bereidheid tot samenwerken
en ondersteunen. Op basis van vertrouwen en respect, inclusief ieders karaktertrekken.
Als je stilstaat bij de vraag, hoeveel invloed het meten van Tijd heeft gehad
(en nóg heeft) dan word je je bewust van het effect dat dit heeft op
onze economie, ons biologisch ritme, ons beschavingspeil c.q. ons bewustzijnsniveau.
Oude kalenders
Tijdens de invoering van een jaarkalender werden
de volgende data bepalend: 21 maart, de eerste lentedag;
21 juni, de langste dag: het begin van de zomer; 21 september,
het begin van de herfst; 21 december, de kortste dag: het begin
van de winter.
Werkzaamheden voor landbouwers en ambachtslieden, evenals markten en feesten,
droegen per seizoen een eigen karakter. Voorbeelden daarvan vinden we in de
kalender van Coligny, een Keltische kalender die uit de eerste eeuw na Chr.
stamt en in 1897 is ontdekt: (de maand begint bij volle maan)
| 1. Samonios | okt. /nov. Vallen van het Zaad (Germaans: Samen = Zaad) |
| 2. Dumaninios | nov. /dec. Diepste Duisternis |
| 3. Riuros | dec. /jan. Koude Tijd |
| 4. Anagantios | jan. /febr. Tijd om thuis te blijven (letterlijk: "niet in staat om uit te gaan") |
| 5. Ogronios | febr. /mrt. Ijstijd |
| 6. Cutios | mrt. /apr . Tijd van de Winden |
| 7. Giamonios | apr. /mei Opkomen van de Scheuten |
| 8. Simivisonios | mei /juni Stralende Tijd |
| 9. Equos | juni /juli Paardentijd |
| 10.Elembiuos | juli /aug. Contacten; Oogsttijd |
| 11.Endrinios | aug./sept. Tijd voor Arbitrage |
| 12.Cantlos |
sept./okt. Tijd om te Zingen |
Na het bouwen van de eerste klokketorens, werd de eerste collectieve
tijdmeting ingevoerd: het luiden van de klok nodigde gelovigen naar kerk of
klooster en op gezette tijden werd er gebeden en gezongen. Landbouwers en ambachtslieden
op de omringende landerijen begonnen eveneens hun werk- en rusttijd af te stemmen
op het luiden van de klok. Werkzaamheden van alledag en godsdienstbeoefening
in de kerk, werden vastgelegd in tijdstip en tijdsduur.
Hoe vanzelfsprekend het nu is, dat het aantal uren werk, in
loondienst, omgezet wordt in geld, tóch is de huidige vorm van economie
slechts anderhalve eeuw oud.
Tegelijk met de ontwikkeling van methodes om Tijd te meten, werd halverwege
de 19-e eeuw de mogelijkheid geschapen om arbeid te structureren met mankracht,
werkuren en uurloon. De “Vrede van Munster” ontnam naties de noodzaak
om te investeren in oorlogen. Mechaniek en machines werden ontworpen, zowel
om Tijd te meten als om Massaproduktie mogelijk te maken: weefmachines, drukpersen
en transportsystemen. Het een kan niet zonder het ander en het een houdt het
andere in stand.
De mogelijkheid om uitvindingen te doen en ideeën te bedenken
om produktieprocessen te versnellen, biedt een enorme uitdaging aan het menselijk
denken en vormgeven. In een technologische samenleving wordt de omgeving meer
en meer bepaald door de mens in plaats van andersom. Het natuurlijke respect
voor wat de Aarde voortbrengt verdwijnt naar de achtergrond. De mens staat voor
de keuze om zichzelf als de maat der dingen te zien, met de nadruk op ontwikkeling
van het intellect: het hoofd….. of hij of zij gaat beseffen dat de Aarde
ons, mensen, voedt en onderhoudt en daarvoor respect verdient. Waarom zijn we
hier?
Als we ons niet aan de "afspraak" hielden om onze
klokken en horloges gelijk te zetten met de atoomklok, hoe zou ons leven er
dan uit zien?
Kan je je daar ook maar enigszins een voorstelling van maken?
De Griekse beschaving kent twee woorden voor Tijd:
"Kayros" - De tijd beleven; er in “zijn”.
"Kronos" - De tijd volgen; lineaire tijd (chronologisch).
In ons dagelijks leven ervaren we deze twee "soorten tijd" in de manier
waarop we onze vrije tijd besteden en ons werk doen. Zolang we met plezier en
aandacht iets doen of meemaken, zijn we "in het moment" en vergeten
we de klok.
Zodra we ongeïnteresseerd bezig zijn op het werk, kijken
we voortdurend zuchtend op de klok en denken: "Was het maar vijf uur!"
Zowel de race tegen de klok, als het ontevreden wachten, heeft grote invloed
op ons humeur en onze gezondheid.
De ritmische processen die zich in de natuur afspelen, kennen
geen lineaire tijd:
de cyclus van lente, zomer, herfst en winter herhaalt zich ieder jaar opnieuw:
zonder een rustperiode in de winter zou het natuurlijke evenwicht verstoord
worden, wat ook het geval zou zijn wanneer we ons waak- en slaapritme onderbreken.
Het natuurlijke levensritme, dat op aarde nog te vinden is bij
welvarende inheemse volksstammen, kent geen begrippen als “stress”.
De dierenwereld laat het zien: prooidieren volgen een ritme van jagen, eten
en slapen zonder zich te bekommeren om een klok, instinctief volgen ze hun natuurlijke
behoefte zoals die bij hun aard past.
De geboortecyclus en de trek van bijv. rendieren is afgestemd op de jaarseizoenen:
de geboorte van rendierkalfjes voltrekt zich in het vroege voorjaar, zodat het
jonge dier, om te groeien, voldoende voeding van de moeder krijgt, die haar
melkproduktie op gang houdt met het eten van zomergrassen. Zodra de winter nadert,
trekt de rendierkudde naar warmer streken en bouwt reserves op om de winter
door te komen. Het rendierkalf is dan groot genoeg om de kudde bij te houden
en zich te kunnen weren tegen de winterkou.
Als we, in een groter verband, ons Zonnestelsel als voorbeeld
nemen, kunnen we zowel in dit stelsel als geheel, als in elke omloopbaan van
de 9 planeten om de Zon, een cyclische beweging ontdekken. De Griekse
wijsgeer Plato definieerde ritme als "orde in beweging".
De rangschikking van de planeten in ons Zonnestelsel is bepaald door hun massa,
hun onderlinge aantrekkingskracht, hun positie t.o.v. de Zon en de beweging
van het Zonnestelsel in onze Melkweg. Als je tijdens een heldere sterrenacht,
zonder verstoring van licht uit je omgeving, de Melkweg ziet, toont deze zich
als een brede band aan de hemel. Van buitenaf gezien en van boven, ziet de Melkweg
eruit als een, vanuit een centrum, bewegend spiraalstelsel. Omdat wij, staand
op ons Aardbolletje, deel uitmaken van dit spiraalstelsel, kunnen we dit niet
zien als we 's nachts naar de sterrenhemel kijken. Toch is ook de Aarde opgenomen
in deze cyclische beweging, alleen zien we dit niet vanaf de Aarde. Net zo min
als de Middeleeuwse mens, die geloofde dat de Aarde plat was, zien kon dat de
Aarde rond is. Niemand was nog de Aarde rond geweest.
Ons begrip van de derde dimensie en de mogelijkheden van dit
“speelterrein”, zijn de laatste 100 jaar met recordsnelheid ontwikkeld.
Het volgende stukje schetst een beeld van de tijdrekening en -beleving van de klassieke Maya’s en hun vormgeving daarvan in de Tun Uc: de 13 Manenkalender en de Tzolkin: de heilige kalender.
11 AUGUSTUS 3114 BC ----------13 X 144.000 DAGEN ------------ 21 DECEMBER
2012
DE TZOLKIN EN DE TUN UC
KENNIS VAN DE 13 MANENKALENDER
EEN INITIATIEF VAN HUNBATZ MEN EN JOSÉ EN LLOYDINE ARGÜELLES
Een klein stukje
geschiedenis:
De herleving van de kennis van de Maya's heeft plaatsgevonden tijdens de Harmonische
Convergentie op 16 en 17 augustus 1987. Dit gebeurde tijdens een feestelijk
ritueel in Mexico, bijgewoond door tienduizenden mensen, in verbinding met een
groep die zich, over de hele wereld verspreid, afstemde en verbond in een gebed
voor vrede: een oproep tot terugkeer naar de natuurlijke tijd, met respect voor
de aarde en het leven in eenheid.
Twee jaar later
werden in Palenque bij de Piramide der Inscripties waar zich
de tombe van de Maya-priesterkoning Pacal Votan bevindt ceremonies volbracht
onder de naam "het heropenen van de piramides van de Maya's."
Sindsdien is
het voor ons mogelijk om de heilige kalender Tzolkin te begrijpen
en publiceerde Argüelles, in 1989, zijn boek "The Mayan Factor"
over de codes van tijd.
De kennis van
de Tzolkin en de 13 Manenkalender gaf hij, samen met zijn partner Lloydine,
in 1990 vorm in de "Dreamspell", een boek met tekeningen, vertaald
in het Nederlands door de auteur van dit artikel.
Om het dichter
bij huis te halen zal ik proberen het eenvoudig uit te leggen, te
beginnen met een vraag: Hoeveel maanden telden de kalenders vóór
de invoering van de huidige Gregoriaanse kalender, die standaard werd in 1582?
Welk getal wordt over het algemeen bestempeld als ongeluksgetal? Hoeveel hoofdgewrichten
vind je in je lichaam? Al deze vragen zijn te beantwoorden met één
getal: dertien!
Dit getal heeft
een grote betekenis in de Tzolkin, een kalender met een cyclus van 260 dagen:
20 reeksen van 13 Galactische Tonen (getallen), ofwel 13 reeksen van 20 Zonnezegels
(ikonen). De reeks van 13 Tonen of getallen, wordt weergegeven in punt-balknotatie:
het getal 1 is een punt,
het getal 2 is 2 punten,
de 5 is een balk,
de 6 is een balk met een punt daarboven,
de 7 is een balk met 2 punten erboven
10 bestaat uit 2 balken.
Je zou de 13 Tonen kunnen beschouwen als “de melodie van de schepping".
De reeks van
20 Zonnezegels, wordt “de gezichten van de schepping"
genoemd.
13 x 20 = 260: het aantal KIN (dagen) in de Tzolkin-kalender.
"Kin" is een aanduiding van de kleinste eenheid: dag of mens.
Een 2-dimensionale
afbeelding van de Harmonische Module toont een schema van 20 verticale (iconen)
en 13 horizontale (tonen) hokjes. In dit schema is een patroon te zien van zwarte
hokjes, symmetrisch verdeeld. (Dit patroon is te vinden op de huid van een heilige
slang van de Maya’s).
Wanneer we de buitenste 4 hoeken nemen en de tonen bij elkaar optellen, komen
we uit op 28. Als we vanuit de 4 hoeken diagonaal naar binnengaan, komen we
weer op 4 zwarte hokjes uit, die, bij elkaar opgeteld, nogmaals op 28 uitkomen.
Wanneer we
dat 13 keer doen, naar het centrum van het schema toe, komen we 13 maal op 28
uit: 13 x 28 = 364 + 1 dag, de Dag buiten de Tijd, die gevierd wordt op 25 juli.
Een dag om samen te zijn en elkaars schulden kwijt te schelden.
Dit is de 13 Manenkalender, die “gecodeerd” verborgen zit
in de Heilige Tzolkin.
De ronde van 260 dagen draait als een klein tandrad met het grotere tandrad van de 365 dagen ronde samen. Onze geboortedag staat in het teken van een Zonnezegel (icoon) en een Galactische Toon (getal): één van de 260 KIN van de Tzolkin.
Boeken
Een aanrader om te lezen
is het boek “Maya astrologie” van Aluna Joy Yaxkin.
Dit is het eerste boek over de esoterische betekenis van de tzolkin dat in de
bibliotheken in Nederland is opgenomen.
De Nederlandse vertaling van de Dreamspell van José en Lloydine Argüelles
geeft ook uitleg over de Tzolkin, dit is als gratis bestand te vinden in de
winkel van deze site.
Zon, Maan en Sterren
Allemaal ondervinden we
de werking van seizoenen en de beweging van de Zon, de Maan en de Sterren. Hetzij
door observatie in de natuur, hetzij door de invloed op ons lichaam en onze
emoties, de “maanstonde” en ons bioritme, ons dag- en nachtritme.
De 13 Manenkalender van de Klassieke Maya’s, bestaat uit 13 maanden van
elk 28 dagen: een Zonnejaar van 364 dagen. De 365ste dag is de “Dag
Buiten de Tijd”, die vanouds gevierd wordt op 25 juli. Het nieuwe
jaar wordt ingeluid op 26 juli, de eerste dag van de eerste Maan(d).
De Zon en de planeet Sirius staan op 26 juli beiden op dezelfde plaats aan de
horizon, aan het begin van de dag. Ze staan conjunct, d.w.z. Aarde, Sirius en
Zon (in deze volgorde) staan op 1 lijn. De Zon wordt “Kinich Ahau”
genoemd: “Heer Zonne-oog”.
Aan het begin van het 53ste levensjaar valt het Zonnezegel en de bijbehorende
Toon, op de verjaardag, samen met die van de geboortedag. De Noord-Amerikaanse
indianen noemen de jarige dan een "elder" (oudste). Deze “oudste”
staat als het ware aan het begin van een tweede jeugd. Een levenscirkel wordt
rondgemaakt in 52 jaren en dat wordt feestelijk gevierd.
Het 52 jarenpad
in de 13 Manenkalender toont een weg die de mens kan gaan op basis van vrije
wil en eigen verantwoordelijkheid. Inheemse volken weten dat de tijd
cyclisch is, alleen de Klassieke Maya’s hebben deze kennis nagelaten tot
op de huidige dag, in codices en stenen. Ze bevatten hun verhaal, hoewel er
veel verloren is gegaan en nog veel ontdekt zal worden.
Het getal en de
symboliek van 13 doorbreekt de cirkel van 12 (bijv. de klok) en zet de beweging
van de spiraal in. Daarmee wordt geschetst, dat tijd niet lineair is,
zoals in de huidige moderne samenleving gebruikelijk is, waarin tijd wordt opgevat
als ruimte:
van A naar B.
Er is een Keltische kalender, uit de eerste eeuw voor Christus, die 13 Maanden
kent. De Shinto-religie in Japan, dat de laatste natie was die de Gregoriaanse
kalender invoerde, kent eveneens een kalender van 13 Maanden.
In het hart van onze Melkweg bevindt zich een radiobron: Sagitarius
A die in een frekwentie van 13 pulsen uitzendt (onderzoek NASA). Voorzover de
Maya's hun bronnen hebben vermeld: zij zeggen hun kennis te hebben ontvangen
van de "Hemelmensen".
Ons Zonnestelsel beweegt zich in een omloop van bijna 26.000 jaar van en naar
het hart van de Melkweg: Alcyone.
Deze cyclus wordt de Precessie van de Equinoxes genoemd: voor astrologen een
bekend begrip. De as van de Aarde verandert van stand tijdens het draaien van
de Aarde en tijdens haar reis door het Melkwegstelsel. Gedurende 25.920 jaar
beweegt de Aarde zich naar Alcyone toe of van Alcyone af.
21 December 2012
De Sanskriet geschriften
verhalen van deze cyclus en het is niet aan het verste of dichtstbijzijnde punt
t.o.v. Alcyone, maar iets daar voorbij waar grote veranderingen plaatsvinden
op Aarde. Bewegend vanaf Alcyone rond 13.000 jaar geleden vonden de gebeurtenissen
van Atlantis plaats: we vielen in slaap. Nu bevinden we ons iets voorbij het
verste punt vanaf Alcyone en gaan weer ontwaken. De cyclus is geen gesloten
systeem, want we bewegen door de ruimte. Het is een spiraal en daarmee worden
we bij iedere volgende cyclus meer wakker, zoals we na de dag- en nacht cyclus
‘s morgens kunnen opstaan met meer bewustzijn. Omdat de Maya’s tot
op vandaag de telling van dagen bijhouden (de zgn. Lange Telling) weten zij,
dat op 21 december van het jaar 2012, de cyclus van bijna 26.000 jaar
voltooid is. (het jaar 2000 wordt als 0-jaar meegeteld) De Mayakalenders
eindigen hun telling bij deze datum.
Dat moment wordt door de Maya’s omschreven als het “einde van de
tijd”.
Merk op, dat het getal 260 in deze cyclus te vinden is!
Volgens José Argüelles hebben de voorspellingen over “het
einde der tijden” niet zozeer betrekking op een rampscenario, of de spectaculaire
terugkomst van een Messias. Wanneer de Mayakalenders eindigen op 21 December
2012 zou de Aarde en haar bewoners een andere dimensie binnengaan en de ervaring
van tijd, zoals we die nu kennen, zou niet meer lineair zijn, maar cyclisch.
Geen enkele voorspelling
ligt vast, tenzij we dat willen. We scheppen van moment tot moment onze werkelijkheid
en het is aan elk van ons, om door middel van een besluit, te kiezen voor vrede
of oorlog……………. en er naar te handelen.
Als ieder van ons, de cirkel
van vergelding doorbreekt en het veroordelen van zichzelf en anderen kan leren
vergeven, zal er geen aanleiding meer zijn voor oorlog. We zullen dan ruimte
hebben voor onze expressie en daarin ook ruimte geven aan anderen, met respect
voor de verschillen in vorm en uitdrukking: eenheid in verscheidenheid.
Sommigen van ons worden
in toenemende mate bewust van het feit dat beleving van tijd niet meer constant
is en dat alle leven met elkaar verbonden is en dat “jij” een andere
“ik” bent, of “ik” een andere “jij”. Dit
wordt tot uitdrukking gebracht in de Maya-begroeting:
IN LAK’ECH: IK BEN EEN ANDERE JIJ
Happy Moons,
Marian van der Veen
Lamat 13 KIN 208