Hoofdstuk 3 uit:
Arqueo astronomia y etno astronomia en Meso America Universidad Nacional autonomia
de Mexico
Uitgevers: Johanna Broda en Stanislaw Iwaniszewski en Lucrecia Manpome 1991
door Edwin C.Krupp
Griffith Observatorium L.A.Californie
(vertaling uit het Engels door Marian van der Veen)
De cyclus van dag en nacht,
duisternis en licht is zo ingelijfd in ons gedrag, dat het een van de dingen
is die bepalen welk schepsel we zijn. We nemen de cyclus voor lief omdat het
fundamenteel is; en onze archeo-astronomische en ethno-astronomische onderzoekingen
zijn naar mijn mening werktuigen om iets te proberen te begrijpen van de fundamentele
aspectne die ons maken tot wat we zijn. Dus oscilleren we (zoals een lemniscaat)
tussen dag en nacht, duisternis en licht. Deze ervaring zit in de kern van onze
ervaring van tijd. De betekenis van de KIN-glyph (icoon) Zon of (in maya) Ahau,
die zowel “zon” “dag” en “tijd” inhoudt,
maakt duidelijk dat de Maya-zienswijze de cyclus van de Zon associeerde met
het concept Tijd.
De relatie van licht en schaduw met
de dagelijkse cyclus van de Zon en de seizoenswisselingen kan weergegeven worden
in systematische observatie en meting. Het voorwerp dat dit mogelijk maakt is
de eenvoudige “gnomon”: een stok die rechtop in de grond is gezet.
Als je er een hebt, dan ben je met astronomie bezig.
Het is een heel oude traditie die bij de Chinezen, de Mesopotamiers en de Egyptenaren
in gebruik was. Nu nog zijn er inheemse stammen die deze stok gebruiken. Tycho
Brahe ontwikkelde in 1576 zo zijn pre-telescopische observatorium Uraniberg,
op het Deense eiland Hven.
Onze verre voorouders herkenden
het belang van dit geordende tijdsverloop en gaven dit weer in symbolen in het
landschap. Ze brachten tot uitdrukking hoe belangrijk deze kosmische orde was,
door ze als heilig te beschouwen.
Dit is in feite het hart van wat ze met “heilig” bedoelden: de mysterieuze
maar juiste manier waarop de dingen zijn (wat ze zijn).
Eenvoudig de verandering van licht en schaduw- gemeten aan het verloop van de
dag en de seizoenen- maken deze orde concreet en zichtbaar. Het is niet zo verbazend
dus, dat we piramides, tempels, tombes en schrijnen (shrines) vinden- afbakeningen
van heilige ruimte- die evenementen van licht en schaduw exploiteren, niet in
de eerste plaats om astronomische informatie te verstrekken, maar als vertoning
voor prive- of publieke consumptie.
Fajada Butte
Gedurende
de laatste jaren (rond 1990) zijn er een aantal prehistorische plaatsen bekend,
waar symbolische licht- en schaduwvertoningen plaatsvinden. Over het algemeen
gebeurt dit tijdens zonnewendes en equinoxes. In de Noord-Westelijke hoek van
Nieuw Mexico, ligt de Chaco Canyon. Daar bevindt zich de Fajada Butte, gebouwd
door de voorouders van de Pueblo’s van het Zuidwesten.

bron: http://www.spirasolaris.ca/sbb4g1.html
Illustratie
1:
Het hele jaar wordt in zonlicht uitgebeeld op de Faja da Butte rotstekeningen.
Tijdens de zomer-zonnewende, rond het middaguur, verschijnt de dolk van licht
in het centrum van de grote spiraal. Drie maanden later, tijdens de herfst-equinox,
verschijnt de dolk van licht net naast het centrum van de grote spiraal, maar
een kleinere dolk van licht is te zien in het centrum van de kleine spiraal
(slang?) Na weer drie maanden is het December, de winter-zonnewende. Nu zijn
de dolken van licht bijna even groot en ze verschijnen aan weerszijden van de
grote spiraal. Tijdens de lente-equinox verschijn hetzelfde beeld als in die
van de herst.
De cyclus eindigt en begint weer.

Chichen Itza
De bekendste
vertoning in Mexico speelt zich af tijden de equinox bij de hoofdpiramide in
Chichen Itza in Yucatan. Op de Westelijke rand van de Noordelijke trap vormt
zich bij zonsondergang een slang die uit 7 (isosecles) driehoeken bestaat en
naar beneden toe eindigt bij het hoofd van de gevederde slang (Kukulkan/Quetzalcoatl),
dat zich daar in steen bevindt.
Zo wordt het beeld gevormd van het driehoekpatroon op de rug van de Diamantrug
Ratelslang (Crotalis durissus tzab):

De reusachtige slang van licht en schaduw is zichtbaar vanaf het grote plein rondom en trekt jaarlijks grotere aantallen bezoekers.
La Rumorosa
In Baja Californie in Mexico, was anthropologist Ken Hedges getuige van de winter-zonnewende in 1975.Dit gebeurde in La Rumorosa. Hij zag een stiletto van zonlicht over een geschilderd paneel bewegen, in de richting van een klein mensachtig figuurtje, in rood geschilderd op de wand. De tenen en vingers zijn uitgespreid. De kleine ogen zijn zwart en twee golvende lijnen lopen vanaf het hoofd naar boven.

bron: http://www.abdnha.org/pages/04_rockart/pict_01.html
Juist voordat het licht het figuurtje bereikt, verschijnt een lichtplek aan
diens ander kant, die na een paar minuten op de zwarte kraaloogjes schijn en
het figuurtje tot getuige maakt van de winter-zonnewende.
Mircea Eliade, een
specialist in mythologie en verwante religie, noemde dit “hierophany”:
het tonen van het heilige.
We associeren het heilige met religie, maar onder inheemse volken is de gewaarwording
van het heilige in wezen de herkenning van de structuur van deze wereld en de
processen daarin.
Deze kosmische orde
wekt ontzag en eerbied, omdat het lijkt te zijn wat het bestaan van het leven
mogelijk maakt.
Of orde en patronen het Universum werkelijk regeren, maakt geen verschil: ze
zijn de sleutel-ingredienten in onze overtuigingen, dat is wat er toe doet.
Onze hersen gedragen zich alsof orde telt en ontcijferen een
orde uit de buitensporige gedetailleerdheid van de natuurlijke wereld.
Deze orde blijkt het duidelijkst uit te komen in het cyclische gedrag van hemelobjecten.
Kogi
Een
voorbeeld van een tempel die de hemelse principes belichaamt, bevindt zich in
Noord Colombia (Z.Amerika) bij de Kogi-stam. Een Kogi - tempel is klokvormig.
Boven het centrum van de tempel bevindt zich een gat in het puntige dak. Tijdens
de zonnewende in juni, wordt de steen, die dit gat afdekt, weggehaald. Het zonlicht
kan door het gat in het dak van de tempel schijnen.
De eerste zonnestraal valt om 9 uur ‘s ochtends op de Zuid-Westelijke
vuurplaats (Kuncavitabueya).
Dan verplaatst de zonnestraal zich naar het Noord-Westen om 3 uur ‘s middags,
tot op de Zuid-Oostelijke vuurplaats (Aldauhuiku), waar hij stopt.

Kogi - tempelplattegrond,
ongeveer 65 meter in doorsnee, wordt gerangschikt door een shamaan, die de sleutelposities
astronomisch bepaalt. De 4 vuurplaatsen worden de hoeken van een ”weefgetouw”
waar de dagelijkse beweging van de zon een geordend patroon weeft van het Universum.
Elke dag tekent de Zon een ander lichtlijn over de vloer, maar omdat de Zon
geleidelijk naar het Zuiden beweegt, verschuift de lijn Noordwaarts. Uiteindelijk,
tijdens de December-zonnewende, valt de zonnestraal op de Noord-Westelijke vuurplaats
(Seizankua) en verloopt in de middag naar de Noord-Oostelijke vuurplaats (Sehukukui).
Een half jaar lang wordt een tapijt van zonlicht geweven op het “weefgetouw
van de vuurplaatsen”
De Kogi spreken over de beweging van de Zon als “weven”: Een witte
draad wordt overdag geweven door de Zon en zijn tegendeel, de Nacht-Zon, voegt
een zwarte draad toe in de donkerte van de nacht. Het tapijt dat zo ontstaat,
symboliseert het jaar en de orde van het Universum.

Illustratie 6
Hunab K’u: schepper van maat en beweging
volgens de Maya’s het centrum van het Universum